Energie en netinfrastructuur

Elektriciteitscentrales en netinfrastructuren worden wereldwijd geïnstalleerd, soms in agressieve omgevingen, waarin de gebruikte systemen worden blootgesteld aan extreme weersomstandigheden. Of het nu gaat om gascentrales in Siberië, windturbines in Canada, zonnekrachtcentrales in India of onafhankelijke stroomvoorzieningssystemen met dieselgeneratoren in Alaska, allen kunnen ze lijden onder extreme weersomstandigheden waaraan ze worden blootgesteld doorheen hun levensduur.


Lage temperaturen en/of ijsvormingsomstandigheden, vochtige milieus of hete klimaatomstandigheden kunnen leiden tot een verslechtering van de prestaties en de bedrijfszekerheid van bepaalde machines of systemen gebruikt in de energie of netinfrastructuur. Wanneer men deze factoren niet in rekening neemt, kan de bedrijfszekerheid niet gegarandeerd worden.  

Daarom wordt onze klimaatkamer door Belgische en internationale machinefabrikanten gebruikt om de limieten van krachtcentrales en netinfrastructuur te testen en te valideren. Dit om er zeker van te zijn dat ze in alle weersomstandigheden tijdens hun berekende levensduur optimaal en betrouwbaar zullen presteren op plaatsen waar extreme weersomstandigheden een risico vormen. 

In de klimaatkamer worden functionele testen onder elektrische belasting evenals niet-belast (zogenaamde ‘storage testen’) uitgevoerd. Elektrische machines, vloeistoftransformatoren, gietharstransformatoren, schakelapparaten, vermogen convertoren, stroomonderbrekers, generatoren, energie-opslagsystemen (ultracapacitors, batterij of technologie voor de opslag van waterstof),  kunnen in de klimaatkamer testenondergaan om aan te tonen dat ze betrouwbaar werken in omstandigheden zoals een koud klimaat, bij ijsvorming, in een droog heet klimaat  of bij hete vochtige omstandigheden. 

energy grid transmission

Aan de volgende testnormen kan worden voldaan  voor bedrijven actief in de sector energie- en netinfrastructuur:

  • Testen van gietharstransformatoren volgens IEC-60076-11 IEC-60076-11 / GOST-R 54827: klasse C1 (-5°C) ; C2 (-25°C) ; C3 (-45°C); C4 (-60°C)

Een unieke voorziening in onze klimaatkamer is de mogelijkheid om volgens de C3 en C4 klimaatklasse om tussen -45°c of zelfs -60 °C testen en controles uit te voeren voor locaties met arctische en extreem lage temperaturen.

  • Omgevingstesten volgens IEC 60068-2-1 (Koude / Lage temperaturen)
  • Omgevingstesten volgens IEC 60068-2-2 (Hitte / droge hitteomstandigheden)
  • Omgevingstesten volgens IEC-60068-2-14 (Verandering van temperatuur / temperatuurcyclus)
  • Omgevingstesten volgens IEC-60068-2-30 (Cyclische vochtige warmteproef)